Dit wetsvoorstel bevat de begroting van uitgaven en ontvangsten voor het jaar 2026 van het ministerie van Algemene Zaken, het Kabinet van de Koning en de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten.
Het voorstel (TK, 1) is op 24 maart 2026 aangenomen door de Tweede Kamer.
Voor: 50PLUS, GroenLinks-PvdA, D66, Volt, CDA, DENK, VVD, SGP, ChristenUnie, JA21, BBB, Lid Keijzer, Groep Markuszower en PVV.
Tegen: SP, PvdD en FVD.
De Eerste Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken (BIZA) heeft op 31 maart 2026 blanco verslag uitgebracht. Het voorstel wordt op 7 april 2026 als hamerstuk afgedaan.
ingediend
16 september 2025titel
Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Algemene Zaken (IIIA), de begrotingsstaat van het Kabinet van de Koning (IIIB) en de begrotingsstaat van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (IIIC) voor het jaar 2026schriftelijke voorbereiding
ondertekening
inwerkingtreding
Met ingang van 1 januari van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na deze datum van 1 januari, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 januari.
-
-
-
-
-
-
16 september 2025
brief regering; Inzicht nieuw beleid in de ontwerpbegroting 2026 TK 36.800 I / 36.800 III, 3 -
-
-