Dinsdag 7 april 2026, commissie Immigratie & Asiel / JBZ-Raad (I&A/JBZ)




Agenda

1.Vaststellen agenda

Let op: deze vergadering heeft geen vast aanvangstijdstip; de vergadering begint vijf minuten na aanvang van de pauze na de eerste termijn van de Kamer; dat kan dus eerder of later dan 16:30 uur zijn


2.36800 XX

Begrotingsstaten Asiel en Migratie 2026

Beslispunt

Welke procedure wenst de commissie te volgen:

  • een datum te bepalen voor het leveren van inbreng voor een verslag;
  • te volstaan met een blanco verslag (geen vragen of opmerkingen, afdoen als hamerstuk of na stemming);
  • te volstaan met een verslag onder voorbehoud van plenaire behandeling (geen schriftelijke behandeling, wel een mondelinge behandeling plenair)?

Procedure

3.36871

Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026

Beslispunten

  • wenst de commissie te streven naar afhandeling van het wetsvoorstel uiterlijk 9 juni 2026?
  • wanneer wenst de commissie inbreng voor het verslag te leveren?
  • wanneer wenst de commissie de technische briefing te houden?
  • wenst de commissie ook een deskundigenbijeenkomst te houden?

Toelichting

Op 12 juni 2026 treedt het Europees Asiel- en migratiepact in werking. Het Pact bestaat uit negen verordeningen en de richtlijn opvangvoorzieningen. De Terugkeerverordening, waarover momenteel nog onderhandeld wordt, maakt geen deel uit van het Pact. De Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 dient ter uitvoering van de verordeningen en implementatie van de richtlijn. De Tweede Kamer heeft op 31 maart 2026 over de amendementen gestemd en op 2 april over het wetsvoorstel. Bij brief van 11 maart 2026 (EK 36.859 / 36.332 / 36.871, D) heeft de minister van A&M er bij de Eerste Kamer op aangedrongen het wetgevingsproces vóór 12 juni af te ronden. De minister schreef:

"Het is van groot belang dat de Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 in werking treedt tegelijk met het van toepassing worden van het Pact; derhalve op 12 juni 2026. Hoewel verordeningen rechtstreeks werkend zijn is tijdige aanpassing van de nationale wetgeving essentieel. Indien de Uitvoerings- en implementatiewet niet op tijd in werking treedt leidt dat tot (rechts-) onzekerheid. Daardoor kunnen grote juridische problemen en problemen in de uitvoering ontstaan."

Concreet betekent dit: aanvaarding door de Eerste Kamer uiterlijk op 9 juni 2026. In deze vergadering ligt allereerst de vraag voor of de commissie dit een haalbare streefdatum voor afhandeling acht. Deze dinsdag meegerekend heeft de Kamer nog acht dinsdagen om het wetsvoorstel te behandelen.

In haar vergadering van 24 maart jl. heeft de commissie erin bewilligd vandaag de procedure van het wetsvoorstel te bespreken, ook al vindt vandaag ook het debat naar aanleiding van de regeringsverklaring plaats. In dezelfde vergadering heeft de commissie aangegeven behoefte te hebben aan een technische briefing ná het meireces. Eén fractie noemde ook de mogelijkheid van een deskundigenbijeenkomst. Ervan uitgaande dat de commissie ook behoefte heeft aan twee schriftelijke ronden én zij wil meewerken aan afronding uiterlijk 9 juni aanstaande, is de beschikbare tijd uiterst beperkt. De griffie is gevraagd een mogelijke planning van de behandeling van dit wetsvoorstel aan te leveren. Hieronder vindt u enkele scenario's. Uiteraard zijn er veel meer scenario's denkbaar, bijvoorbeeld ook een scenario waarbij de commissie 9 juni lostlaat en bijvoorbeeld streeft naar behandeling voor het zomerreces. Dan zouden er vier dinsdagen extra zijn.

Behandeling Tweede Kamer

De behandeling in de Tweede Kamer bestond uit:

Er zijn vele amendementen ingediend, maar slechts twee aangenomen. Het betreft het nader gewijzigd amendement van de leden Boomsma en Ceulemans over de mogelijkheid voor directeuren van AZC-locaties om te verplichten tot deelname aan cursussen (nr. 58) en het gewijzigd amendement van het lid Ceder over een evaluatiebepaling voor ten minste de bepalingen inzake nareis en de bewaring van minderjarigen (nr. 35). Zie verder het stemmingsoverzicht.

Als de commissie constateert dat er onvoldoende tijd is voor én een technische briefing én een deskundigenbijeenkomst, kan zij in elk geval profiteren van de technische briefing en het rondetafelgesprek van de Tweede Kamer.

De commissie heeft op 20 januari jl. een technische briefing gehouden over de Asielnoodmaatregelenwet, de Wet invoering tweestatusstelsel en de Novelle aanpassing strafbaarstelling illegaal verblijf. Tijdens deze briefing is ook de samenhang met de Uitvoerings– en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 aan de orde gekomen. Zie:

Dinsdag 20 januari 2026, commissie Immigratie & Asiel / JBZ-Raad (I&A/JBZ) - Eerste Kamer der Staten-Generaal

Verslag van de vergadering van de commissie voor Immigratie & Asiel / JBZ-Raad (I&A/JBZ) op 20 januari 2026 - Eerste Kamer der Staten-Generaal

Mogelijke planning behandeling Eerste Kamer (uitgaande van inwerkingtreding per 12 juni 2026)

Hieronder vindt u drie mogelijke planningen. De commissie kan uiteraard de onderdelen van de scenario's aanpassen. Zij kan bijvoorbeeld besluiten te volstaan met één schriftelijke ronde (dat is een meerderheidsbesluit) of de technische briefing of deskundigenbijeenkomst vóór het meireces te houden (i.e. op 21 april). De scenario's gaan nu uit van commissievergaderingen op dinsdag, maar technische briefings en deskundigenbijeenkomsten kunnen ook op maandag(avond) worden gehouden.

Scenario A (twee schriftelijke ronden; technische briefing na meireces, geen deskundigenbijeekomst)

9 juni 2026: stemming

2 juni 2026: plenaire behandeling

26 mei 2026 (week van): ontvangst nota naar aanleiding van het tweede verslag

19 mei 2026: kennismakingsgesprek met de minister van Asiel en Migratie, inbreng voor het tweede verslag

12 mei 2026: technische briefing, bespreking nadere procedure

MEIRECES (ontvangst nota naar aanleiding van het verslag)

21 april 2026: inbreng voor het (eerste) verslag

14 april 2026: plenaire behandeling asielwetsvoorstellen, geen commissievergadering

7 april 2026: bespreking procedure

***

Scenario B (twee schriftelijke ronden; deskundigenbijeenkomst na meireces, geen technische briefing)

9 juni 2026: stemming

2 juni 2026: plenaire behandeling

26 mei 2026 (week van): ontvangst nota naar aanleiding van het tweede verslag

19 mei 2026: kennismakingsgesprek met de minister van Asiel en Migratie, inbreng voor het tweede verslag

12 mei 2026: deskundigenbijeenkomst, bespreking nadere procedure

MEIRECES (ontvangst nota naar aanleiding van het verslag)

21 april 2026: inbreng voor het (eerste) verslag

14 april 2026: plenaire behandeling asielwetsvoorstellen, geen commissievergadering

7 april 2026: bespreking procedure

***

Scenario C (twee schriftelijke ronden; technische briefing én deskundigenbijeenkomst na meireces)

9 juni 2026: plenaire behandeling, inclusief stemming

2 juni 2026 (week van): nota naar aanleiding van het tweede verslag

26 mei 2026: inbreng voor het tweede verslag

19 mei 2026: kennismakingsgesprek met de minister van Asiel en Migratie, deskundigenbijeekomst

12 mei 2026: technische briefing, bespreking nadere procedure

MEIRECES (ontvangst nota naar aanleiding van het verslag)

21 april 2026: inbreng voor het (eerste) verslag

14 april 2026: plenaire behandeling asielwetsvoorstellen, geen commissievergadering

7 april 2026: bespreking procedure

***

Andere dossiers

Los van de behandeling van dit wetsvoorstel staan:

  • de behandeling van dossier E250006 - Voorstel voor een Terugkeerverordening, waarover de commissie nog schriftelijk overleg voert met de regering. Als gezegd is de Terugkeerverordening géén onderdeel van het Pact.
  • de Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer (een mededeling, dus niet-wetgevend), waarover op 21 april aanstaande inbreng voor schriftelijk overleg wordt geleverd.

Internetconsultatie en uitvoeringstoetsen

Cf. de notitie Uitvoerbaarheid, handhaafbaarheid en doenvermogen burgers treft u hieronder een overzicht met link naar de internetconsultatie en uitvoeringstoetsen.


Procedure

4.36871 / 35612, C

Verslag van een schriftelijk overleg met de minister van A&M over de stand van zaken van de implementatie van het Europese Asiel- en migratiepact; EU-voorstellen: EU-migratiepact 2020 COM (2020) 609, 610, 611, 612, 613 en 614

Beslispunt

Wenst de commissie de brief 27 maart 2026 te betrekken bij de behandeling van de Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 of wenst zij separaat met de minister van A&M in nader schriftelijk overleg te treden?

Toelichting

Bij brief van 22 januari 2026 informeerden de minister van A&M en de minister voor A&M de Kamer over de stand van zaken van de implementatie van het Europees Asiel- en migratiepact. Aan het slot van de brief komt ook de Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 (36.871) aan de orde. De commissie besloot op 10 februari 2026 om gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg. Bij uitgaande brief van 10 maart 2026 zijn vragen gesteld gebaseerd op inbreng van de leden van de fracties van GroenLinks-PvdA, D66 en de fractie-Van de Sanden. De antwoordbrief van de minister van 27 maart jl. is heden ter bespreking bijgevoegd. Ook het voorstel voor de Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 is inmiddels bij de Eerste Kamer aanbeland. Desgewenst kan de brief van 27 maart bij de behandeling van dit wetsvoorstel worden betrokken.


Bespreking verslag schriftelijk overleg

5.19637 / 36855, D

Brief van de minister van A&M ter aanbieding van het rapport 'Schattingen onrechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen medio 2018-2019 tot medio 2022- 2023’; Vreemdelingenbeleid

Beslispunt

Wenst de commissie de brief van 31 maart 2026 te betrekken bij het plenaire debat over de asielwetsvoorstellen of wenst zij separaat met de minister van A&M in overleg te treden?

Toelichting

Bij brief van 31 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie het rapport ‘Schattingen onrechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen medio 2018-2019 tot medio 2022- 2023’ aan de Kamer aangeboden. Het rapport is uitgevoerd door de Universiteit Utrecht in samenwerking met de Erasmus Universiteit Rotterdam, in opdracht van het WODC. In de brief verwijst de minister naar een toezegging die de toenmalige staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 18 juni 2024 aan de Kamer zou hebben gedaan. Uit de beslisnota blijkt echter dat het gaat om een toezegging aan de Tweede Kamer. De relevantie voor de Eerste Kamer ligt in de link die de minister legt tussen het rapport en de behandeling van de Novelle strafbaarstelling illegaliteit op 14 april aanstaande.


Bespreking

7.Rondvraag


8.Openstaande correspondentie

Ter herinnering: overzicht openstaande correspondentie

Overzicht openstaande correspondentie

Verzonden

Onderwerp

(N)SO: (nader) schriftelijk overleg

Reactietermijn

Toelichting

Brieven

12/11/'25 aan min A&M

Brief over de situatie van kinderen in de asielopvang

10/12/'25

Uitgaande brief

Op 1 april 2026 beantwoord en wordt geagendeerd in de vergadering van 21 april a.s.

09/12/'25 aan stas en min J&V en min A&M

Brief met vragen inzake verslag formele JBZ-Raad van 13 en 14 oktober 2025

06/01/'26

Uitgaande brief

Op 28 januari 2026 rappelbrief verstuurd aan de minister van A&M

17/12/'25 aan min A&M

Brief betreffende de uitvoering van de motie-Perin-Gopie c.s. over het stimuleren van duurzame kleinschalige opvang (36.333, I)

21/01/'26

Uitgaande brief

Op 28 januari 2026 rappelbrief verstuurd aan de minister voor A&M

03/02/'26 aan min A&M

Brief met vragen inzake verslag van de formele JBZ-Raad van 8 en 9 december 2025

03/03/'26

Uitgaande brief

10/03/'26 aan min A&M

Brief over de arbeidsparticipatie van statushouders

07/04/'26

Uitgaande brief

31/03/'26 aan min A&M

Brief met nadere vragen inzake het voorstel voor een Terugkeerverordening

28/04/'26

Uitgaande brief

Verslagen

versie: 03/04/'26